De combinatie tussen werk en gezin is voor tweeverdieners al een uitdaging, laat staan als je er in je eentje voor staat. Toch gebeurt dat steeds vaker. Door scheidingen of sterfgevallen. Twee Belgische onderzoekers (Marie Kruyfhooft en Dimitri Mortelmans) schreven er een artikel over in het Tijdschrift voor Arbeidsvraagstukken.
Conflicten
Betaalde arbeid vervult bij de meeste alleenstaande ouders een positieve functie. Ze kunnen het geld goed gebruiken, maar het heeft ook een zingevende en structurerende functie. Toch noemen de onderzoekers twee conflicten:
- werk-gezinconflict: problemen in de gezinssfeer ten gevolge van werk.
- gezin-werkconflict: een conflict thuis beperkt iemand tijdens werktijd
Als oplossing kan iemand dus ingrijpen in de privésfeer om de combinatie te vergemakkelijken, òf in de werksfeer. Het eerste conflict komt bij mannen èn vrouwen drie keer vaker voor dan het tweede.
Combinatiestrategieën
Om de combinatie tussen werken en zorgen mogelijk te maken, worden verschillende strategieën uitgedacht. Bijna alle ouders kiezen voor de acceptatiestrategie: het aanvaarden van de nieuwe situatie (zowel de nieuwe arbeids- als gezinssituatie). Daarna kiezen ouders voor twee wegen:
- De inkrimpingsstrategie: de ouder wijzigt de verwachtingen naar een van beide rollen om zo tot een beter evenwicht te komen.
- De superoudersstrategie: de ouder brengt geen wijzigingen aan en probeert alles te combineren. Deze manier kan goed en slecht werken.
Vier typen ouders
De verschillende strategieën leveren vier soorten ouders/werknemers op.
- De ontevreden ouder ervaart een onbevredigende combinatie tussen werk en privé. Gaat werken omdat het geld oplevert, maar vindt zijn baan niet fijn. De aanvaarding van de nieuwe situatie is vaak nog niet helemaal afgerond.
- De conflictouder moet meer gaan werken om geld te verdienen, maar heeft geen fijne baan. Het verwerkingsproces wordt niet gestart en gevoelens onderdrukt. Bovendien passen ze het ik-kan-alles-alleen-principe toe: ze laten zich niet helpen.
- De combinatieouder combineren werk en privé goed, door de verwachtingen aan beide rollen af te zwakken. Ze hebben doorgaans een stabiel loopbaanpatroon, een hoge baantevredenheid en aanvaarden de nieuwe situatie.
- De carrièreouder is bijna altijd een hoogopgeleide man die de superouderstrategie toepast. Hij handelt onder grote tijds- en werkdruk, maar besteedt een deel van de interne taken uit. Fysiek vermoeid, maar wordt voldoende financieel gecompenseerd. Soms wil de man dit zelf, soms weigert de werkgever om de werkdruk te verminderen.
Wat kunnen werkgevers doen?
Werkgevers kunnen volgens onderzoeker Mortelmans ook iets doen: ‘Aandacht voor de transitie kan al veel problemen verzachten. Die aandacht is zowel menselijk als organisatorisch. Mensen brengen in zulke situaties meer dan anders hun privéleven mee naar het werk en het is aan de werkgever om hier een gezond evenwicht te gaan zoeken. De baan mag uiteraard niet compleet verwaarloosd worden maar toch kan een tijdelijke terugval in efficiëntie besproken en gekaderd worden. Ook kan de werkgever proberen soepel om te gaan met werkuren om dat deze mensen vaak op alle mogelijk en onmogelijke uren dingen moeten regelen.’
Alleenstaande ouders
Wanneer werknemers de transitieperiode voorbij zijn, kunnen werkgevers ook dingen blijven doen: ‘Flexibele omgang met werktijden (en eventueel thuiswerk) is een oplossing. Uit de verhalen heb ik de indruk dat ze vaak hard werken maar dat hun thuissituatie hen niet altijd in staat stelt deel te nemen aan de “sociale extraatjes” die een loopbaan vormen. Snel naar huis om de andere kant te combineren is voor hen de boodschap en dat wordt soms door werkgevers als een verminderd engagement gezien. Dat op een juiste manier doorprikken is ook een element waar werkgevers de moeilijke combinatie kunnen bijsturen.’
Basti Baroncini, redacteur P&Oactueel.
